Nieuws
Ouders onmisbaar bij preventie radicalisering

Ouders onmisbaar bij preventie radicalisering

Ouders onmisbaar bij preventie radicalisering

Radicalisering vindt altijd plaats in een wisselwerking tussen een individu en zijn omgeving. Het is daarom belangrijk om het bredere sociale netwerk rondom jongeren te betrekken bij de preventie en aanpak. Gelukkig is er steeds meer aandacht voor de onmisbare rol die ouders hierbij kunnen spelen.

Gezien de recente aandacht voor radicalisering van moslimjongeren is het relevant om met ouders in gesprek te gaan over de manier waarop geloof en identiteit een rol spelen in de opvoeding. Radicaliserende jongeren hebben hun ideeën doorgaans niet van hun ouders. Toch spelen ouders een onmisbare rol bij de preventie van radicalisering.

 

In Nederland is er veel ontwikkeld op het gebied van weerbaarheid van kinderen en jongeren. Hierbij wordt nog weinig ingegaan op de weerbaarheid tegen vooroordelen en discriminatie en tegen zogenaamde 'ronselaars'. Wat kunnen ouders doen en hoe kunnen zij hierbij ondersteund worden?

1. Erken negatieve ervaringen rondom stigma en discriminatie

Vraag ouders bij jeugdervaringen als verwaarlozing of huiselijk geweld ook naar gevoelens van uitsluiting in het verleden of in het heden en de invloed hiervan op de dagelijkse opvoeding. Wanneer ouders met hun kinderen in gesprek gaan over vooroordelen en discriminatie en hen hierop voorbereiden door hun eigen ervaringen te delen, kunnen zij hun kinderen leren hier beter mee om te gaan.

2. Bied handreikingen om effectief te reageren op discriminatie

Ouders hebben invloed op de manier waarop kinderen omgaan met uitsluiting en discriminatie. Grofweg kan er onderscheid gemaakt worden tussen:

  • polariserende ('het zijn allemaal racisten'),
  • vermijdende ('we zullen er toch nooit bij horen'),
  • compenserende ('als Marokkaan moet je nu eenmaal twee keer zo hard je best doen om je te bewijzen') en
  • verbindende (vooroordelen tegengaan met argumenten en humor) strategieën.

De effectiviteit van een strategie hangt af van de situatie, van de individuele vaardigheden van de betreffende persoon én uiteraard van het doel dat hij of zij hierbij voor ogen heeft.

3. Benadruk positieve identiteit

Veel jongeren die tweede, derde of soms zelfs vierde generatie in de migratiegeschiedenis zijn, spreken vaak de taal van het land van herkomst niet en de overdracht van culturele waarden is verloren geraakt in het inpassingsproces in de dominante cultuur. Ouders en grootouders kunnen een deel van deze geschiedenis weer invullen voor jongeren, waardoor afkomst en cultuur een positief onderdeel van de identiteit van jongeren kan worden; iets waar ze trots op kunnen zijn.

4. Blijf elkaar vragen stellen

Door vragen te stellen over het waarom van bepaalde uitspraken of gedragingen worden jongeren getriggerd na te denken over hun ideeën. Het kan zijn dat jongeren de behoefte voelen met ouders over hun geloof te praten, maar soms doen zij dit liever met een vriend, docent of imam. Het is belangrijk om dan iemand te vinden die jongeren op een positieve manier kan voorzien in hun informatiebehoefte en waar zij terecht kunnen met hun verhalen en vragen.

 

Weten waar je kind zich mee bezighoudt is in dit geval van cruciaal belang. Uit onderzoek blijkt dat toezicht, of monitoring, de meest effectieve vorm van ouderlijke aanwezigheid is als het gaat om het verkleinen van risicogedrag bij kinderen en jeugdigen.

5. Bevorder mediawijsheid van jongeren én ouders

Ook ouderlijke aanwezigheid in de vorm van toezicht op mediagebruik is belangrijk. Ouders weten vaak niet wat hun kind online doet en met wie hij of zij contact heeft. Het internet is een belangrijke informatiebron voor jongeren die op zoek zijn naar een alternatief voor de Nederlandse samenleving waarin zij zich buitengesloten en afgewezen voelen. Het is belangrijk dat jongeren kritisch leren omgaan met informatie. En ook voor ouders geldt dat zij meer inzicht moeten krijgen in de valkuilen van het internet en hoe zij hun kind kunnen helpen hier weerbaar in te worden door er met hun kind over te praten.


Nieuwsdatum: woensdag 28 oktober 2015

Nieuws